Spring naar inhoud
  • banner straatbeeld Dordrecht
Home Inwoners Natuur en milieu Dossier Chemours en DuPont (PFOA/C8, GenX) Veelgestelde vragen en antwoorden

Veelgestelde vragen en antwoorden

Wat is er aan de hand?

Chemours Dordrecht, voorheen DuPont, maakt Teflon. Dat zit onder meer in de anti-aanbaklaag van koekenpannen en veel andere hittebestendige coatings. Bij de productie van Teflon heeft DuPont/Chemours jarenlang de stof perfluoroctaanzuur (PFOA) gebruikt. Hierbij is PFOA in de bodem terecht gekomen. Ook heeft de fabriek PFOA uitgestoten in de lucht en geloosd in het riool en op de rivier.
Er zijn zorgen ontstaan over de mogelijke gevolgen van PFOA voor de gezondheid door met name de uitstoot naar de lucht. Het RIVM heeft hier onderzoek naar gedaan.
Sinds 2012 gebruikt Chemours PFOA niet meer. Deze stof is vervangen door de GenX-techniek. Ook over die stoffen is discussie ontstaan.

Graag proberen we op de pagina zo goed en duidelijk mogelijk antwoord te geven op vragen over PFOA, GenX, Chemours en DuPont en de rol van de overheid.

Over PFOA

Wat is PFOA?

PFOA is tot 2012 door DuPont gebruikt als één van de ingrediënten om Teflon te maken. Teflon wordt onder andere gebruikt in de anti-aanbaklaag van koekenpannen. PFOA is een hulpstof ('dispergeermiddel'). Het verbindt Teflon met metaal of andere materialen. De afkorting PFOA staat voor perfluoroctaanzuur. Het is een fluorkoolstofverbinding met de molecuulformule C8HF15O2.  Het wordt ook wel C8 genoemd.
De stof staat sinds juli 2013 op een Europese lijst van zeer zorgwekkende stoffen en werd het ook als 'mogelijk kankerverwekkend' geclassificeerd.

 

Hoe lang is PFOA gebruikt?

De productie van Teflon door DuPont (nu Chemours) is gestart in 1967. De stof PFOA is daarbij van 1967 tot 2012 gebruikt. Sinds 2012 wordt PFOA niet meer gebruikt in Dordrecht. PFOA is gebruikt op de locatie van DuPont/Chemours op het bedrijventerrein langs de Beneden-Merwede in Dordrecht.

 

Waar is PFOA terecht gekomen?

Tot 2012 is PFOA naar de lucht uitgestoten en geloosd op het riool en de rivier. Voor deze uitstoot en lozing zijn voorschriften in de vergunning opgenomen die voldeden aan de landelijke richtlijnen.

Ook is PFOA op het terrein van Chemours in de bodem terecht gekomen door lekkages tijdens het productieproces in de jaren '60 en '70 . De verontreiniging in de bodem bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met op grotere diepte een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein. Dit heeft geen gevolgen voor het Dordtse drinkwater. Zie ook het onderwerp Drinkwater.

Verder heeft DuPont mogelijk PFOA-houdend afval gestort op stortplaatsen in Dordrecht. Lees hier meer over onder het kopje Stortplaatsen.

De Volkskrant bericht 21 juli 2017 over een onderzoek van de VU naar de aanwezigheid van PFOA en GenX in de omgeving van Chemours. Samen met Sliedrecht en Papendrecht heeft de gemeente hierop gereageerd. Ook de provincie heeft een reactie gegeven.

Terug naar boven


PFOA: RIVM-rapporten en gezondheid

Berekeningen RIVM

Het RIVM heeft de mogelijke gevolgen onderzocht voor de volksgezondheid. Dat onderzoek richt zich met name op de uitstoot van PFOA via de lucht, de belangrijkste en grootste bron. De uitkomsten zijn op 24 maart 2016 bekendgemaakt. Lees hier de aanbiedingsbrief van staatssecretaris Dijksma.

Uit de berekeningen van het RIVM blijkt dat bewoners in de directe omgeving van het bedrijf vanaf 1970 tot 2002 mogelijk langdurig zijn blootgesteld aan PFOA tot boven de door het RIVM veilig geachte grenswaarde van 89 ng/ml.


Om welk gebied gaat het?
Dit betreft in Dordrecht het bedrijventerrein tussen Chemours en de spoorlijn (donkere contour op de kaart). Het RIVM berekende dat deze groep op dit moment waarschijnlijk nog een licht verhoogde waarde PFOA in het bloed hebben.
In het gebied daaromheen (lichtere contour op de kaart) zijn mensen mogelijk ook blootgesteld aan verhoogde gehalten PFOA, maar niet tot boven de veilige grenswaarde. Het RIVM berekende dat deze groep op dit moment geen verhoogde PFOA-waarde in hun bloed meer hebben.


Contouren RIVM


Wat is vervolgens onderzocht?
Om de berekeningen van het RIVM te controleren is in het najaar van 2016 bij 382 omwonenden van de fabriek het gehalte PFOA in het bloed gemeten. Dit is het ‘steekproef PFOA bloedonderzoek’.

Tegelijk heeft het RIVM wetenschappelijke studies naar de relatie tussen gehalten PFOA in het bloed en gezondheidseffecten bestudeerd. Dit is het ‘PFOA literatuuronderzoek’.


Hier vindt u een filmpje van het RIVM waarin de uitkomsten van beide onderzoeken in enkele minuten worden toegelicht.


Wat komt er uit het steekproef PFOA bloedonderzoek?
Het bloed van 382 personen is onderzocht. Bewoners die lang en dicht bij de fabriek wonen (donkerblauwe zone), hebben hogere waarden PFOA in hun bloed dan bewoners die verder weg of minder lang in de omgeving wonen. De mediane (middelste) bloedwaarde in deze groep was 10,2 nanogram PFOA per milliliter.
De bloedwaarden in de groepen die verder van of minder lang rond de fabriek wonen, komen overeen met de zogenaamde achtergrondwaarde die gemiddeld wordt aangetroffen in Europees onderzoek: 3,5 nanogram PFOA per milliliter bloed.
De gemeten bloedwaarden komen goed overeen met de eerdere berekeningen. Daarmee is helaas ook bevestigd dat bewoners in de directe omgeving van de fabriek in het verleden waarschijnlijk langdurig aan hoge waarden PFOA zijn blootgesteld.


Welke effecten zijn er voor de gezondheid?
In het literatuuronderzoek heeft het RIVM andere studies met betrekking tot PFOA onderzocht om na te gaan welke gezondheidseffecten bij mensen zijn waargenomen, en bij welke concentratie PFOA in het bloed. Er zijn relaties tussen PFOA en gezondheidseffecten waargenomen.
Gezondheidseffecten waarover de meeste zekerheid bestaat, zijn:

  • verhoging van cholesterol,
  • verhoging van een leverenzym en
  • verlaging van het geboortegewicht.

De gevonden effecten zijn negatief, maar wel relatief klein ten opzichte van de normale waarde.
Daarnaast zijn mogelijke relaties met gezondheidseffecten gevonden die minder zeker zijn. Dat betreft onder meer een hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap, een ontsteking van het slijmvlies van de dikke darm en nier- en testiskanker.
In de wetenschap is nog veel onzekerheid bij welke bloedconcentraties ongewenste effecten optreden. Ook is het op basis van de epidemiologische studies niet mogelijk een oorzakelijk verband aan te tonen tussen deze ongewenste effecten en PFOA.


Wat concludeert het RIVM uit de beide onderzoeken?
De conclusie uit beide onderzoeken is dat de langdurige PFOA-blootstelling mogelijk gezondheidseffecten bij omwonenden van de fabriek heeft veroorzaakt. Helaas is er niet meer zekerheid te geven dan dat.

Wordt er nu nog meer onderzoek gedaan?
Achttien deelnemers uit het steekproefonderzoek (4,7%) hebben een hogere PFOA-waarde dan door het RIVM werd verwacht. Het RIVM doet dit najaar een blootstellingsonderzoek naar factoren die bij deze groep voor deze waarden kunnen hebben gezorgd.


Komt er gezondheidsonderzoek in de omgeving?

Het RIVM en de Dienst Gezondheid & Jeugd zijn van mening dat een algemeen gezondheidsonderzoek onder omwonenden weinig tot geen gezondheidswinst oplevert. Dat komt onder meer omdat de mogelijke gevolgen met de meeste zekerheid slechts geringe negatieve effecten geven. Bovendien zijn vaak nog veel meer factoren van invloed op gezondheidseffecten zoals een verhoogd gehalte cholesterol of leverenzym.
Mogelijke effecten op de zwangerschap worden al meegenomen in de standaard zwangerschapscontroles.
Tot slot is bij een aantal ernstiger aandoeningen de relatie met PFOA onzeker en de kans op dergelijke aandoeningen klein. Hierdoor is de kans klein dat bij een screening op deze ziektes nieuwe gevallen zullen worden opgespoord.
De DG&J heeft huisartsen, verloskundigen en medisch specialisten in de regio over de onderzoeksuitkomsten geïnformeerd.


Kan ik mijn bloed laten testen op PFOA?
Het RIVM en DG&J adviseren mensen niet om hun bloed te laten onderzoeken op PFOA. Het levert geen gezondheidswinst of handelingsperspectief op. Mensen die hun bloed toch willen laten onderzoeken op PFOA kunnen hiervoor op eigen kosten een test laten doen.
In Dordrecht was er een regeling voor bloedtesten voor mensen in Staart-Oost met een minimuminkomen. Die liep tot 1 maart 2017. 

 

Bloedonderzoek direct omwonenden
Staatssecretaris Dijksma heeft op verzoek van de Tweede Kamer van Chemours besloten een bloedonderzoek aan te bieden aan (oud-)inwoners van Dordrecht, Sliedrecht en Papendrecht in de directe omgeving van DuPont/Chemours. De drie gemeenten en het ministerie van Infrastructuur en Milieu hebben deze regeling samen uitgewerkt.

 

Wat gebeurt er voor de werkenden in de omgeving? Waarom geen regeling voor hen?

Verscheidene bedrijven in de omgeving hebben hun medewerkers een bloedonderzoek aangeboden. Staatssecretaris Dijksma heeft alleen een toezegging gedaan voor bloedonderzoek bij bewoners.

 

Hoe zit het met mensen die verhuisd zijn?

Mensen die tussen 1 januari 1970 en 31 december 2012 in de directe omgeving (contourengebied) gewoond hebben, mogen ook gebruik maken van deze regeling.

 

Hoe worden die geïnformeerd?

Deze mensen worden niet persoonlijk benaderd. Maar door de ruime aandacht via website, advertenties, Gemeentenieuws en andere media proberen we zoveel mogelijk mensen te bereiken. 

 

Kunnen zij bij een ziekenhuis in de buurt terecht? Krijgen ze een vergoeding van reiskosten?

Nee, het enige ziekenhuis dat deze regeling uit laat voeren is het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht en Sliedrecht. Er is geen vergoedingsregeling voor reiskosten.

 

Waarom is de contour niet groter? In Dordrecht wonen er maar weinig mensen in dit gebied.

Deze contour is opgesteld door het RIVM op basis van berekeningen. In het gebied binnen de donkere contour zijn bewoners in de directe omgeving van het bedrijf vanaf 1970 tot 2002 mogelijk langdurig zijn blootgesteld aan PFOA tot boven de door het RIVM veilig geachte grenswaarde van 89 ng/ml. Het RIVM berekende dat deze groep op dit moment waarschijnlijk nog een licht verhoogde waarde PFOA in het bloed hebben.

 

In het gebied daaromheen (lichtere contour op de kaart) zijn mensen mogelijk ook blootgesteld aan verhoogde gehalten PFOA, maar niet tot boven de veilige grenswaarde. Het RIVM berekende dat deze groep op dit moment geen verhoogde PFOA-waarde in hun bloed meer hebben.

 

Het klopt dat het aantal inwoners in Dordrecht binnen het contourengebied veel kleiner is dan in Sliedrecht en Papendrecht. Dit heeft onder meer te maken met de plaats van de schoorstenen (vlak bij de rivier) en de gegevens over windrichting. 

 

Krijgt Dordrecht ook een regeling als in Sliedrecht voor mensen met een verhoogde uitslag?

Nee. Voor alle bewoners geldt het advies om bij gezondheidsklachten contact op te nemen met hun huisarts.


Sommige bronnen linken PFOA in het bloed aan het ontstaan van kanker. Hoe zit dat in dit gebied?
De Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ) heeft aanvullend op het RIVM rapport onderzoek gedaan naar vóórkomen van kanker in het gebied rondom Chemours (Dordrecht, Sliedrecht en Papendrecht). Uit dit PDF-bestandonderzoek (391 kB) blijkt dat kanker in dit gebied niet in verhoogde aantallen voorkomt.


Wat vindt de gemeente van de onderzoeken?
De rapporten geven weer iets meer inzicht in de situatie rond PFOA. De gemeente Dordrecht vindt de uitkomst van het steekproefonderzoek positief voor de meeste omwonenden; hun bloedwaarde wijkt niet af van de gemiddelde achtergrondwaarde die elke Nederlander in het bloed heeft. Zorg is er wel voor de kleine groep direct omwonenden. Het RIVM bevestigt de eerdere conclusie dat zij verhoogde concentraties PFOA in hun bloed hebben.
De gemeente is teleurgesteld dat we ondanks de gedegen onderzoeken bewoners niet meer zekerheid kunnen geven over de mogelijke gezondheidseffecten van PFOA. We hadden gehoopt dat het literatuuronderzoek daar meer duidelijkheid en scherpte over had gebracht. Hierover blijven dus onzekerheid en vragen.
We vinden dat de uitkomsten de noodzaak onderstrepen om meer te doen aan onderzoek en het beperken van de huidige uitstoot van dergelijke stoffen. We moeten leren van het verleden. Daarom blijven wij ook zeer scherp op de huidige uitstoot van dergelijke stoffen en steunen de provincie bij haar inzet om de uitstoot terug te blijven dringen. Dordrecht trekt daarin samen op met Papendrecht en Sliedrecht, in het belang van onze inwoners.

Terug naar boven


Over GenX

Wat is GenX?
GenX is een technologie die door Chemours gebruikt wordt om plastics (fluorpolymeren) te produceren, zoals Teflon, voor anti-aanbaklagen van pannen en andere hittebestendige coatings. GenX is geen stof op zich, maar een techniek. Die wordt sinds 2012 gebruikt ter vervanging van PFOA. Bij de GenX-technologie wordt de stof FRD-903 gebruikt, dat na reactie wordt omgezet in FRD-902. Daarbij wordt ook de stof E1 gevormd.


Wat weten we van GenX-stoffen?
We weten nog niet alles van GenX, maar wel steeds meer. FRD-903 is volgens het RIVM mogelijk kankerverwekkend voor de mens en heeft effecten op de lever. De stof breekt slecht af in het milieu en lost makkelijk op in water. Het is nog onzeker in welke mate FRD-903 ophoopt in het lichaam. FRD-903 staat niet op de lijst 'Zeer Zorgwekkende Stoffen'.
Over E1 is nog niet veel bekend, maar daarvan wordt de toxiciteit laag tot zeer laag ingeschaald.


Hoe wordt het uitgestoten?
De stoffen FRD-903 en E1 komen tijdens het productieproces vrij in gasvorm en worden door de schoorsteen uitgestoten. FRD-902/FRD-903 wordt ook afgevoerd via het afvalwater van de fabriek naar de rioolzuivering. Chemours heeft hiervoor een vergunning.


Het bedrijf mag GenX niet rechtstreeks lozen op de rivier. Onlangs concludeerde het ministerie van I&M dat toch een aantal directe lozingen plaatsvindt waarin GenX wordt aangetroffen. Weliswaar in geringe mate, maar deze lozingen van GenX zijn niet vergund en het bedrijf is daarmee in overtreding. Rijkswaterstaat is hiervoor een handhavingstraject gestart.


Is GenX gevaarlijk?
Op basis van de huidige wetenschappelijke kennis is de stof FRD-903 uit de GenX-techniek niet geclassificeerd als Zeer Zorgwekkende Stof. Wel is duidelijk dat de stof giftig is en moeilijk afbreekt in het milieu. Dat een stof schadelijke eigenschappen heeft, betekent overigens nog niet dat er risico’s zijn voor omwonenden of werknemers. Er wordt in de chemische industrie met duizenden toxische stoffen gewerkt, om daarmee nuttige toepassingen mogelijk te maken (zoals brandwerendheid, desinfectie, grondstof voor materialen, etc.). De risico’s hangen af van de vraag of een stof kan vrijkomen of wordt uitgestoten en zo ja, in welke hoeveelheden.


Uitstoot naar de lucht
Het RIVM heeft berekend in welke mate de stof FRD-903 vrijkomt in de lucht. Dit deed het RIVM op basis van zowel de maximaal vergunde hoeveelheid als de emissiegegevens die Chemours aanleverde. De berekende concentratie bij de dichtstbijzijnde woningen is 15 nanogram per kubieke meter lucht. Dit is bijna vijf keer lager dan de gezondheidskundige grenswaarde die het RIVM voor FRD-903 heeft afgeleid (73 nanogram per kubieke meter lucht). Op grond van de milieuvergunning kan de concentratie maximaal 20 ng/m3 bedragen.
Het RIVM concludeert dat de uitstoot van de stoffen die bij de GenX-techniek vrijkomen naar verwachting geen risico oplevert voor de gezondheid van omwonenden. Maar we weten nog niet alles over de stof, dus zijn er nog geen definitieve conclusies te trekken. Tot die duidelijkheid er is, is de emissie van de stoffen ingeperkt.
Er vindt nader onderzoek plaats. Op Europees niveau vindt een stofevaluatie plaats van GenX-stoffen. Het Duitse Bondsinstituut voor arbeidsveiligheid en gezondheid (BAuA) en het RIVM voeren dat samen uit. De uitkomsten worden voorjaar 2018 verwacht.


Richtwaarde drinkwater
Op basis van de nieuwste inzichten heeft het RIVM een richtwaarde afgeleid voor de maximale concentratie van GenX-stoffen in het drinkwater. Die is 0.15 ug/l. De aangetroffen gehalten in het Dordtse drinkwater liggen op 0.002 ug/l. Zie ook de MS PowerPoint-bestandpresentatie (7210 kB) die Evides in maart 2017 gaf in de raadscommissie.


Vanwege de onzekerheid over de mate waarin deze stof ophoopt in het lichaam heeft het RIVM daarom een extra veiligheidsmarge gehanteerd bij het afleiden van de veilige grenswaarden.


Oppervlaktewater
Verder heeft het RIVM onderzocht of voor oppervlaktewater een waterkwaliteitsnorm voor GenX-stoffen kan worden afgeleid. Daarvoor ontbreken nog gegevens. De provincie heeft Chemours opgelegd om daar onderzoek naar te doen.


Wat doet de overheid?
Omdat er geen definitieve zekerheid is over de GenX-stoffen, heeft de provincie Zuid-Holland – die de vergunning verleent – op 21 april 2017 de vergunning voor uitstoot naar lucht en water flink aangescherpt. De uitstoot naar het water is verlaagd tot het niveau waarbij volgens Rijkswaterstaat ook op de lange termijn de drinkwaterkwaliteit kan voldoen aan de norm voor veilig drinkwater (2035 kg per jaar). De provincie heeft eerder aangegeven dat zij dat niet haalbaar acht de uitstoot helemaal naar nul terug te brengen. Daarvoor ontbreken op dit moment voldoende inhoudelijke gronden.

Drinkwaterbedrijf Oasen is in beroep gegaan tegen het besluit. Oasen wil toch dat de uitstoot teruggebracht wordt naar nul. Ook Chemours heeft aangekondigd in beroep te gaan tegen de nieuwe vergunningeisen. Dat beroep betreft niet de nieuwe eisen voor de uitstoot naar water, maar die voor uitstoot naar de lucht van de stof E1. Dat betekent dat de uitstoot naar water nu in ieder geval beperkt is naar 2035 kg per jaar.


In de aangescherpte vergunning zijn voorschriften opgenomen die Chemours dwingen te onderzoeken hoe de nu vergunde uitstoot naar water en lucht nog verder teruggedrongen kunnen worden.


Wat doet het bedrijf?
Daarnaast heeft Chemours aangekondigd een nieuwe grootschalige proef te starten met een extra zuiveringsstap in de behandeling van afvalwater om zo de uitstoot van GenX-stoffen via het water verder terug te dringen. Chemours wil deze zomer starten met een proef met koolstofbedden. Eind dit jaar zijn de resultaten hiervan bekend.


Wat vindt de gemeente?
Veilig drinkwater en een veilige leefomgeving zijn cruciaal en hebben onze prioriteit. Wij spannen ons hiervoor in en trekken op met het Rijk, provincie en andere gemeenten. De aanscherping van de emissie-eisen uit de vergunning is één van de concrete acties die daaruit voortkomen. Waar nodig steunen wij aanscherping van vergunningen met zienswijzen, of vragen wij om verdere aanscherping van besluiten als wij vinden dat die niet ver genoeg gaan. Dit alles in het belang van onze inwoners.

 

De Volkskrant bericht 21 juli 2017 over een onderzoek van de VU naar de aanwezigheid van PFOA en GenX in de omgeving van Chemours. Samen met Sliedrecht en Papendrecht heeft de gemeente hierop gereageerd. Ook de provincie heeft een reactie gegeven.

Terug naar boven


Bodemverontreiniging

De gemeente Dordrecht is sinds 2003 verantwoordelijk voor de controle op de aanpak van de bodemverontreiniging op het terrein van Chemours. Daarover leest u hier meer.

 

Waaruit bestaat de bodemverontreiniging op het terrein van Chemours?

De bodem is in het verleden door bedrijfsactiviteiten van DuPont/Chemours met meerdere stoffen verontreinigd. Het gaat om vluchtige organische chloorverbindingen en freonen. Waarschijnlijk is de verontreiniging ontstaan door lekkages tijdens het productieproces in de jaren '60 tot '70. Daardoor is het grondwater verontreinigd.

Deze verontreiniging is sinds eind jaren '80 bekend bij de overheid. Met een analyse van honderden peilbuizen en grondmonsters is de verontreiniging in beeld gebracht en is gestart met het voorbereiden van de aanpak ervan. De verontreiniging bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met in het diepe grondwater een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein.
In 2005 meldde DuPont aan de toenmalige Milieudienst (nu: OZHZ) dat ook sprake was van een verontreiniging met PFOA. De verontreiniging met PFOA bevindt zich binnen de grenzen van de al bekende grondwaterverontreiniging.

 

Hoe wordt de bodemverontreiniging aangepakt?

Chemours is -als veroorzaker van de verontreiniging en eigenaar van de locatie- verantwoordelijk voor het uitvoeren van maatregelen om te voorkomen dat de verontreiniging zich verspreidt. Dit noemen we het ‘beheersen’ van de verontreiniging.

In de tweede helft van de jaren '90 heeft Chemours, in overleg met de provincie Zuid-Holland, een geavanceerd grondwaterbeheerssysteem laten ontwerpen en aanleggen. Dit systeem onttrekt verontreinigd grondwater, zuivert het en loost het gezuiverde grondwater vervolgens op de rivier de Merwede. Het beheerssysteem zorgt ervoor dat de grondwaterverontreiniging zich niet verder kan verspreiden. Het systeem wordt meerdere keren per jaar gemonitord en de verslaglegging hiervan wordt jaarlijks gecontroleerd door het bevoegd gezag. Tot 2003 was dat de provincie. Na 2003 is dat de gemeente Dordrecht, die deze taak heeft belegd bij de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ).  

 

In dit memo wordt het ontstaan en de beheersing van de bodemverontreiniging toegelicht.

 

Is de bodemverontreiniging onder controle?

Ja. De totale verontreiniging, met daarin ook PFOA, wordt al vanaf eind jaren '90 beheerst door een geavanceerd systeem (zie uitleg in dit memo). Deze beheersing zorgt ervoor dat het verontreinigde grondwater zich niet kan verspreiden in concentraties die risico's kunnen opleveren. Dat blijkt uit de gegevens uit peilbuizen en grondmonsters. Zolang het beheersysteem in stand blijft, is er geen risico op verspreiding.

 

Wie voert het uit? Voor hoelang wordt beheerd?

Het beheerssysteem is aangelegd in opdracht van Chemours, in overleg met de provincie Zuid-Holland (destijds bevoegd gezag). Chemours beheert het systeem. De beheersing moet in principe eeuwig in stand worden gehouden. Tenzij nieuwe technieken de verontreiniging in de bodem kunnen afbreken. Hiernaar wordt onderzoek gedaan, maar vooralsnog is er geen oplossing voor.

 

Hoe rapporteert Chemours over het beheerssysteem?

In het hele gebied staan honderden peilbuizen om (de verontreiniging in) het grondwater te controleren. Ook worden grondwatermonsters genomen. De analyse van die gegevens wordt jaarlijks gerapporteerd. Deze rapportages worden niet opgesteld door Chemours zelf, maar door onafhankelijke gecertificeerde adviesbureaus (Tauw, voorheen Deltares) en laboratoria. Zij worden ingehuurd door Chemours.

Het bevoegd gezag, de gemeente Dordrecht, controleert deze rapportages en bespreekt die met Chemours en haar adviseurs. Bij deze gesprekken is Evides ook aanwezig, omdat de grondwaterverontreiniging ook onder hun terrein voorkomt.

 

Moet de grond niet afgegraven worden?

Dat zou theoretisch een goede oplossing zijn. Afgraven is echter extreem duur en technisch onmogelijk, omdat de fabriek dan eerst gesloopt zou moeten worden en na sanering weer herbouwd. Het Nederlandse bodemsaneringsbeleid geeft aan dat als er geen risico's voor de volksgezondheid en ecologie zijn, afgraven niet hoeft. Dan kan worden volstaan met beheersing. Dit is het geval bij de bodemverontreiniging bij Chemours.

 

Grondwater onder stortplaatsen

Zie het kopje Stortplaatsen.


Zijn de normen die gesteld zijn voor PFOA wel de juiste?

De gemeente baseert zich bij de beoordeling van de grondwaterrapportages op de geldende normen die zijn opgesteld door het RIVM. In Nederland bestaan met betrekking tot bodemverontreiniging geen formele interventiewaarden voor PFOA. Interventiewaarden zijn waarden die aangeven dat er mogelijk risico's zijn. Als er daadwerkelijk risico's zijn, of als de verontreiniging zich te veel verspreidt, moet er worden ingegrepen. Daarom heeft een externe adviseur in opdracht van DuPont in 2011 voorlopige interventiewaarden (248 ug/l) bepaald op basis van de Europese methodiek van EFSA. Deze waarden worden alleen overschreden binnen het terrein van Chemours.


Op dit moment heroverweegt het RIVM diverse normen voor PFOA. Dat komt omdat PFOA sinds 2013 in de categorie 'Zeer Zorgwekkende Stof' valt. Het Rijk heeft nog geen landelijke interventiewaarde voor PFOA opgesteld. Daarom heeft de gemeente Dordrecht het RIVM opdracht gegeven om lokale risicowaarden voor PFOA op te stellen. In het voorjaar van 2017 komen deze risicowaarden beschikbaar.

Terug naar boven


Drinkwater

Is het drinkwater in Dordrecht veilig?

Deze vraag wordt veel gesteld. Ja, het drinkwater in Dordrecht was en is betrouwbaar. In het drinkwater worden hele kleine hoeveelheden PFOA en GenX-stoffen aangetroffen. Deze liggen ver onder de norm van het RIVM. Ook toxicologen bevestigen dat het drinkwater veilig is.



Wat doet de overheid daaraan?
PFOA wordt niet meer gebruikt. Deze gehaltes in het water zullen alleen maar afnemen. Voor de uitstoot van GenX-stoffen naar lucht en water heeft de provincie Zuid-Holland op 21 april 2017 de vergunning flink aangescherpt. De uitstoot naar het water is verlaagd tot het niveau waarbij volgens Rijkswaterstaat ook op de lange termijn de drinkwaterkwaliteit kan voldoen aan de norm voor veilig drinkwater (2035 kg per jaar). De gemeente heeft deze aanscherping gesteund.

In de aangescherpte vergunning zijn voorschriften opgenomen die Chemours dwingen te onderzoeken hoe de nu vergunde uitstoot naar water en lucht nog verder teruggedrongen kunnen worden. Chemours aangekondigd een nieuwe grootschalige proef te starten met een extra zuiveringsstap in de behandeling van afvalwater om zo de uitstoot van GenX-stoffen via het water verder terug te dringen. Chemours wil deze zomer starten met een proef met koolstofbedden. Eind dit jaar zijn de resultaten hiervan bekend.


Kan de uitstoot naar het water niet helemaal worden gestopt?

De provincie heeft eerder aangegeven dat zij dat niet haalbaar acht de uitstoot helemaal naar nul terug te brengen. Daarvoor ontbreken op dit moment voldoende inhoudelijke gronden.

Drinkwaterbedrijf Oasen is in beroep gegaan tegen het besluit om de vergunning aan te scherpen, omdat zij vindt dat de uitstoot toch teruggebracht moet worden naar nul. Wij volgen dit met veel belangstelling.


Wat doet de gemeente om het drinkwater veilig te houden?
Veilig drinkwater en een veilige leefomgeving zijn cruciaal en hebben onze prioriteit. Wij spannen ons hiervoor in en trekken op met het Rijk, provincie en andere gemeenten. De aanscherping van de emissie-eisen uit de vergunning is één van de concrete acties die daaruit voortkomen. Waar nodig steunen wij aanscherping van vergunningen met zienswijzen, of vragen wij om verdere aanscherping van besluiten als wij vinden dat die niet ver genoeg gaan. Dit alles in het belang van onze inwoners.

Wij hopen dat deze aandacht voor GenX in water een discussie losmaakt over de impact van industriële stoffen op onze drinkwater.


Hoe verhoudt de bodemverontreiniging zich tot het terrein van Evides? En dan met name het spaarbekken?

Het grondwater op het terrein van productielocatie Baanhoek van Evides Waterbedrijf wordt NIET gebruikt voor de drinkwatervoorziening en komt ook niet in contact met het water dat voor de drinkwatervoorziening wordt gebruikt. Ook staat het spaarbekken niet in contact met de grondwaterverontreiniging. De verontreiniging bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein. De uitloper van de verontreiniging reikt tot aan de noordelijke rand van het spaarbekken en bevindt zich op een diepte van ca. 14 meter. De onderzijde van het bekken bevindt zich op 5 meter diepte. Tussen de onderzijde van het bekken en de grondwaterverontreiniging ligt een slecht doorlatende kleilaag van ca. 9 meter dik. De (minimale) waterstroom door de kleilaag gaat van boven naar beneden, dus van het bekken naar het diepe grondwater. Daardoor kan het verontreinigde grondwater het bekkenwater niet beïnvloeden.
Overigens wordt het bekken niet voor de drinkwatervoorziening gebruikt. Het betreft  een een noodvoorraad oppervlaktewater, voor het geval dat de aanvoer van Maaswater uitvalt.


Waar komt het drinkwater vandaan?

Op productielocatie Baanhoek maakt Evides drinkwater uit grondwater en oppervlaktewater. Het grondwater dat Evides in Dordrecht voor de drinkwatervoorziening gebruikt, is NIET afkomstig van het terrein, maar bevindt zich in diepe bronnen (tussen de 80 en 140 meter diep) elders op het Eiland. Hier kan geen afstromend water van DuPont/Chemours in terecht zijn gekomen of komen. Het oppervlaktewater dat gebruikt wordt voor drinkwater komt uit de Maas in Brabant na verblijf in drie grote spaarbekkens in de Brabantse Biesbosch.

Evides monitort de kwaliteit van bron tot kraan om te zorgen dat het drinkwater altijd van hoge, betrouwbare kwaliteit is. Naar aanleiding van de berichtgeving heeft Evides in oktober 2015 en februari 2016 Evides metingen  laten uitvoeren om te bepalen of PFOA voorkwam in het drinkwater van Baanhoek. PFOA is in oktober 2015 niet aangetroffen en in februari 2016 bedroeg het gehalte 0,0025 microgram per liter. Ook heeft Evides de GenX-stoffen gemeten. Daarvan zat 0.002 microgram per liter in het drinkwater. Dat is ver beneden de norm van 0.15 microgram per liter.


Voor meer informatie verwijzen we u naar de website van Evides.

Terug naar boven


Stortplaatsen

Hoe zit het met gestort PFOA-houdend afval?

In Dordrecht is een aantal voormalige stortplaatsen waar in het verleden industrieel chemisch afval is gestort, mogelijk ook afkomstig van Dupont/Chemours. Voor alle stortplaatsen geldt dat niet bekend is of er in het verleden PFOA-houdend materiaal is gestort, maar gezien de stortperiode en de (zeer) beperkte registratie destijds kan dit niet worden uitgesloten. Daarom heeft de gemeente de afgelopen maanden het grondwater onder voormalige stortplaatsen waarvoor zij bevoegd gezag is (Crayestein-Oost, Merwedepolder, Polder Stededijk en Transberg) onderzocht op PFOA. In al deze voormalige stortplaatsen is in het grondwater lichte tot zeer lichte gehalten PFOA aangetroffen, maar nergens wordt de voorlopige risicogrens voor PFOA in grondwater (248 ug/l) overschreden. Lees hier meer over het onderzoek naar stortplaatsen.


Overigens wordt op alle locaties de grondwaterkwaliteit gemonitord. Hierover wordt jaarlijks gerapporteerd in het gemeentelijk bodemsaneringsprogramma.

 

Hoe zit het met de andere voormalige stortplaatsen in Dordrecht?

De gemeente is verantwoordelijk voor de oude stortplaatsen, zoals Transberg, Polder Stededijk, Crayestein-Oost en de Merwedepolder. De provincie is bevoegd gezag voor de moderne stortplaatsen Crayestein-West en Derde Merwedehaven. Ook de provincie heeft onderzoek laten verrichten naar PFAS. Ook op deze plaatsen is PFOA aangetroffen, maar de hoeveelheden blijven hier eveneens onder de interventiewaarde.


Wat is er bekend over bodemonderzoek naar PFOA?

In Nederland is onderzoek naar PFAS (de groep stoffen waartoe PFOA behoort) in grond en grondwater nog niet gebruikelijk. In opdracht van het Ministerie van I&M zijn landelijke pilots opgezet om te onderzoeken of er in de toekomst structureel aandacht voor deze stofgroep nodig is en om te bepalen hoe dergelijk onderzoek het beste kan worden uitgevoerd. Dordrecht doet daaraan mee met de voormalig stortplaatsen Polder Stededijk en de Merwedepolder. Voor de voormalige stortplaatsen Crayestein-Oost en Transberg zal PFOA worden meegenomen in de reguliere monitoring.

Terug naar boven


Vergunningen, toezicht en handhaving

Wie is waarvoor verantwoordelijk?
In Nederland is de verantwoordelijkheid voor het milieu verdeeld over verschillende overheden. Deze overheden heten dan 'bevoegd gezag' voor het onderwerp waar ze verantwoordelijk voor zijn. Met betrekking tot de situatie bij DuPont/Chemours zijn die verantwoordelijkheden als volgt verdeeld:

  • Milieuvergunning en toezicht, inclusief uitstoot: Provincie Zuid-Holland
  • Bodemverontreiniging: gemeente Dordrecht 
  • Lozingen op de rivier: Rijkswaterstaat 
  • Lozingen op het riool: Provincie Zuid-Holland
  • Veiligheid van werknemers: Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid
  • Drinkwater: Inspectie Leefomgeving en Transport

De gemeente verstrekt dus niet de vergunningen aan Chemours en DuPont. Het bevoegd gezag voor Chemours en DuPont is de provincie Zuid-Holland. De provincie verleent de milieuvergunning en houdt daar toezicht op. Niet als enige overigens, ook de Veiligheidsregio, de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (vroeger de Arbeidsinspectie) en Rijkswaterstaat houden toezicht.


Wie voert de taken uit?
De taken vergunningverlening en toezicht worden namens de provincie uitgevoerd door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid, onder verantwoordelijkheid van de DCMR Milieudienst Rijnmond. Voor bedrijven zoals Chemours en DuPont zijn in Nederland zes Omgevingsdiensten aangewezen die hierin zijn gespecialiseerd. Voor ons gebied is dat de DCMR, waar gezien de Rotterdamse haven en omgeving zeer veel expertise zit. In de praktijk werken mensen van de DCMR mee aan de uitvoering van wettelijke taken bij bedrijven zoals Chemours en DuPont in onze regio.
Als gemeente zitten wij hier bovenop. Wij zijn scherp op vergunningstrajecten en andere aanvragen, en dienen vanuit het belang van de omwonenden zienswijzen of bezwaren in waar wij vinden dat die niet ver genoeg gaan. Dat doen wij als betrokken gemeenten (Dordrecht, Papendrecht en Sliedrecht) zoveel mogelijk gezamenlijk.


BRZO

Chemours is een BRZO-bedrijf. BRZO-bedrijven zijn risicovolle bedrijven die moeten voldoen aan veiligheidsmaatregelen die zijn vastgelegd in het Besluit Risico Zware Ongevallen (BRZO). Op de website van de OZHZ is meer informatie te vinden over dergelijke bedrijven.


Ook vindt u op die site een uitleg hoe toezicht en handhaving plaatsvindt en een overzicht van eerdere berichten over Chemours/Dupont.


Actuele vergunningen

De huidige vergunningen van Chemours zijn ook in te zien via de website van OZHZ. Ga naar het online overzicht en tik in de zoekbalk Chemours in. Dan krijgt u een overzicht en kunt u alle documenten downloaden.

Terug naar boven


(Ex-)werknemers

Hoe zit het met de (ex)medewerkers van DuPont/Chemours?

De zorg voor (ex)medewerkers valt onder verantwoordelijkheid van de Inspectie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de vroegere Arbeidsinspectie. In juli 2017 heeft de minister een brief naar de Kamer gestuurd over het onderzoek naar arbeidsomstandigheden in het verleden bij DuPont. De minister toont in de brief begrip voor de zorgen van (oud)werknemers. Hij maakt ook duidelijk dat dit een feitenonderzoek betreft, niet bedoeld om een oordeel te geven over het handelen van DuPont in het verleden of over de vraag of er een relatie is tussen gezondheidsklachten bij oud)werknemers en de vroegere werkomstandigheden bij het bedrijf. Het onderzoek betreft niet alleen het handelen van het bedrijf, maar ook dat van de Inspectie SZW door de jaren heen.

De minister wijst ook nog op het lopende strafrechtelijk onderzoek van het OM. Dat onderzoek richt zich (ook) op het handelen met de stoffen DMAC en PFOA


Wij vinden het als gemeente belangrijk dat er oog is voor de gezondheid van deze (ex)medewerkers en verwachten dat er uit het feitenonderzoek lessen worden getrokken uit dit onderzoek.

Terug naar boven


Overige vragen

In Amerika lopen diverse rechtszaken tegen DuPont naar aanleiding van PFOA. Is de situatie daar te vergelijken met Dordrecht?

Het klopt dat er in Amerika rechtszaken zijn aangespannen tegen DuPont over de gevolgen van PFOA. Hoe de situatie daar precies in elkaar steekt, moet in die rechtszaken duidelijk worden. Een vergelijking met Dordrecht is te begrijpen: het gaat om dezelfde stof, hetzelfde moederbedrijf en een soortgelijke fabriek. Toch is het te kort door de bocht om te stellen dat wat in Amerika speelde ook hier aan de hand is. Het RIVM stelt in haar rapport dat de situatie in de VS niet te vergelijken is met de situatie in Dordrecht. De uitstoot in de VS via lucht en water was vele malen hoger dan in Dordrecht. De concentratie in drinkwater lag zelfs 1000 maal hoger. Ook is in de VS het aantal kankergevallen in het omliggende gebied verhoogd, dat is hier niet zo.
Als gemeente gaat het ons om de situatie in Dordrecht. Daar richten we ons op.

 

Wat vindt de gemeente van de situatie?

We snappen het heel goed dat mensen zich zorgen maken. Helaas kunnen we nog niet op alle vragen antwoord geven. En dat is vervelend, zeker waar het vragen over de gezondheid betreft. Maar er is simpelweg nog te weinig bekend om daar met zekerheid iets over te zeggen.
De gemeente neemt dit onderwerp zeer serieus. Toen bekend werd dat PFOA mogelijk ook in Dordrecht speelde, hebben wij en de provincie de Omgevingsdienst ZHZ gevraagd de beschikbare gegevens bij elkaar te brengen. Die hebben we in oktober 2015 gepubliceerd. Deze gegevens zijn overgedragen aan het ministerie. Zij heeft het RIVM opdracht gegeven tot onderzoek naar mogelijke gezondheidseffecten. Dat heeft geleid tot het RIVM rapport, met aanbevelingen voor vervolgonderzoek. Wij zien dit rapport als een tussenstap. Het nadere onderzoek, waaronder de steekproef, moet goed en zo snel mogelijk uitgevoerd worden om meer duidelijkheid te geven over eventuele gezondheidseffecten. Dat vergt helaas enige tijd: zorgvuldigheid gaat boven alles. 
We begrijpen dat alles rond Dupont/Chemours nu onder een vergrootglas ligt. Wij vinden het juist daarom heel belangrijk dat de totale situatie in beeld is en in de juiste context wordt weergegeven. Ook vinden we het heel belangrijk het directe contact met de buurt te hebben en houden. Daarbij zijn we duidelijk over wat we weten en wat we nog niet weten.

Ook vinden wij dat beide bedrijven veel moeten doen om het vertrouwen terug te krijgen. Zowel wij als de omwonenden hebben dit zeer duidelijk gemaakt. Beide bedrijven hebben aangegeven zich dit te realiseren en hierin stappen te zetten.


Wanneer vond de inloopbijeenkomst plaats?
Direct betrokkenen uit de gemeenten Dordrecht, Sliedrecht en Papendrecht zijn per brief uitgenodigd voor een inloopbijeenkomst op dinsdag 5 april 2016 in het Postillion Hotel in Dordrecht. Ook andere geïnteresseerden konden binnenlopen. Er zijn uiteindelijk 500 bezoekers geweest. De presentaties en factsheets zijn hier terug te vinden.

Terug naar boven


Vervolg en contact

Het RIVM heeft de mogelijke gevolgen onderzocht voor de volksgezondheid. Dat onderzoek richt zich met name op de uitstoot van PFOA via de lucht. Er worden diverse vervolgonderzoeken verricht. Daarover kunt u op deze pagina van alles lezen. Wij volgen dat nadrukkelijk en geven de wensen vanuit Dordrecht mee. Via onze website houden we u op de hoogte van de ontwikkelingen.


Waar kan ik terecht met vragen?

Met vragen over gezondheidsaspecten kunt u contact opnemen met de Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ) via telefoonnummer (078) 770 85 00.

Uiteraard kunt u ook terecht bij uw huisarts.



We snappen dat er nog veel vragen zijn. Die hebben we zelf ook. Helaas zijn nog niet alle antwoorden beschikbaar. Met de informatie op deze pagina's hoopt de gemeente in ieder geval de nodige vragen te kunnen beantwoorden. Mist u een antwoord? Geef dat dan door via de link onderaan deze pagina.



Terug naar boven

Kunnen wij deze pagina verbeteren of ziet u een fout? Laat het ons weten.

Gemeentelijke websites

Meer gemeentelijke websites


Gemeente Dordrecht

Bezoekadres Stadskantoor

Spuiboulevard 300

3311 GR Dordrecht

Plaatsmarkering

In de Stadswinkel kunt u alleen PINNEN


Postadres

Postbus 8

3300 AA  Dordrecht

Telefoon

14 078


WhatsApp
06 406 985 08

Meer contactgegevens