Spring naar inhoud
  • banner straatbeeld Dordrecht
Home Inwoners Natuur en milieu Info PFOA/C8 DuPont/Chemours Veelgestelde vragen en antwoorden

Veelgestelde vragen en antwoorden

Wat is er aan de hand?

Chemours Dordrecht, voorheen DuPont, maakt Teflon. Dat zit onder meer in de anti-aanbaklaag van koekenpannen. Bij de productie van Teflon heeft DuPont/Chemours jarenlang de stof perfluoroctaanzuur (PFOA) gebruikt. Hierbij is PFOA in de bodem terecht gekomen. Ook heeft de fabriek PFOA uitgestoten in de lucht en geloosd in het riool en op de rivier.
Er zijn zorgen ontstaan over de mogelijke gevolgen van PFOA voor de gezondheid door met name de uitstoot naar de lucht. Het RIVM heeft hier onderzoek naar gedaan. Graag proberen we op de pagina zo goed en duidelijk mogelijk antwoord te geven op vragen over dit onderwerp.

Over PFOA

Wat is PFOA?

PFOA is tot 2012 door DuPont gebruikt als één van de ingrediënten om Teflon te maken. Teflon wordt onder andere gebruikt in de anti-aanbaklaag van koekenpannen. PFOA is een hulpstof ('dispergeermiddel'). Het verbindt Teflon met metaal of andere materialen. De afkorting PFOA staat voor perfluoroctaanzuur. Het is een fluorkoolstofverbinding met de molecuulformule C8HF15O2.  Het wordt ook wel C8 genoemd.
De stof staat sinds juli 2013 op een Europese lijst van zeer zorgwekkende stoffen en werd het ook als 'mogelijk kankerverwekkend' geclassificeerd.

 

Hoe lang is PFOA gebruikt?

De productie van Teflon door DuPont (nu Chemours) is gestart in 1967. De stof PFOA is daarbij van 1967 tot 2012 gebruikt. Sinds 2012 wordt PFOA niet meer gebruikt in Dordrecht.

PFOA is gebruikt op de locatie van DuPont/Chemours op het bedrijventerrein langs de Beneden-Merwede in Dordrecht.

 

Waar is PFOA terecht gekomen?

Tot 2012 is PFOA naar de lucht uitgestoten en geloosd op het riool en de rivier. Voor deze uitstoot en lozing zijn voorschriften in de vergunning opgenomen die voldeden aan de landelijke richtlijnen.

Ook is PFOA op het terrein van Chemours in de bodem terecht gekomen door lekkages tijdens het productieproces in de jaren '60 en '70 . De verontreiniging in de bodem bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met op grotere diepte een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein. Dit heeft geen gevolgen voor het Dordtse drinkwater. Zie ook het onderwerp Drinkwater.

Terug naar boven


RIVM-rapport, vervolgonderzoek en gezondheid

Uitkomsten onderzoek RIVM

Het RIVM heeft de mogelijke gevolgen onderzocht voor de volksgezondheid. Dat onderzoek richt zich met name op de uitstoot van PFOA via de lucht. De uitkomsten zijn op 24 maart 2016 bekendgemaakt. Lees hier de aanbiedingsbrief van staatssecretaris Dijksma.
Uit het onderzoek blijkt dat bewoners in de directe omgeving van het bedrijf vanaf 1970 tot 2002 mogelijk langdurig zijn blootgesteld aan PFOA tot boven de door het RIVM veilig geachte grenswaarde. Het betreffende gebied omvat in Dordrecht het bedrijventerrein tussen Chemours en de spoorlijn (donkere contour op de kaart). Het RIVM concludeert dat langdurig verblijf in dit gebied geleid kan hebben tot negatieve gevolgen voor de lever. Overige effecten worden niet verwacht.
In een groter gebied (lichtere contour op de kaart) zijn mensen mogelijk ook blootgesteld aan verhoogde gehalten PFOA maar niet tot boven de veilige grenswaarde.


Contouren RIVM


Welke vervolgstappen beveelt het RIVM aan?
Het RIVM benadrukt dat aanvullend onderzoek nodig is om tot een completer beeld te komen, en doet aanbevelingen die samengevat als volgt luiden:

- Controleer via een gerichte steekproef onder omwonenden of de hoeveelheid PFOA in het bloed op dit moment inderdaad onder de grenswaarde ligt;
- Onderzoek de beschikbare gezondheidskundige literatuur, om te bepalen of de conclusies in het rapport juist zijn en of er elders wellicht andere specifieke klachten of aandoeningen bekend zijn die aan bepaalde concentraties PFOA kunnen worden gekoppeld;
- Doe nader onderzoek naar de risico’s die werknemers hebben gelopen;
- Doe metingen in drinkwaterwinpunten ten noorden van de Merwede (stroomafwaarts van de fabriek) naar concentraties PFOA. Het Dordtse drinkwater komt daar overigens niet vandaan.


Het Dordtse college van b&w vindt het van groot belang dat deze aanbevelingen goed en snel worden opgepakt door de betrokken instanties. Dat gebeurt dan ook. Diverse onderzoeken lopen op dit moment of zijn al afgerond.


Is er al meer bekend over de steekproef?

De bloedafname voor de steekproef is in het vierde kwartaal gebeurd. Hiervoor zijn honderden omwonenden van DuPont en Chemours uitgenodigd door het RIVM en de Dienst Gezondheid en Jeugd (GGD). De resultaten zijn in april 2017 beschikbaar, gelijktijdig met onder meer het literatuuronderzoek naar mogelijke gezondheidseffecten van PFOA.


Komt er bloedonderzoek in de omgeving?

De Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J) en een Expertisegroep van het RIVM adviseren de gemeente op dit moment geen bloedonderzoek (biomonitoring) uit te voeren als onderdeel van een gezondheidsonderzoek naar de mogelijke effecten van de blootstelling aan PFOA in de omgeving van Chemours.
Volgens de Expertgroep van het RIVM is het met zo'n onderzoek niet mogelijk conclusies te trekken over blootstelling aan PFOA in het verleden. Ook is er geen verband te leggen tussen een bloeduitslag en individuele gezondheidseffecten en biedt de uitslag geen handelingsperspectief. De DG&J sluit zich aan bij dit advies. U kunt beide adviezen hier downloaden: PDF-bestandExpertgroep (135 kB)en PDF-bestandDGJ (1539 kB).


De gemeente Dordrecht volgt voor nu deze adviezen. Het Dordtse college van burgemeester en wethouders wil de uitkomsten van verdere onderzoeken afwachten, voordat zij een besluit neemt over het al dan niet uitvoeren van een gezondheidsonderzoek.


Mensen die ondanks het advies van het RIVM en de DG&J toch hun bloed willen laten onderzoeken op PFOA kunnen hiervoor op eigen kosten een test laten doen. Als bewoners dit niet kunnen betalen, vergoedde de gemeente onder bepaalde voorwaarden de kosten van de bloedtest. Die regeling liep tot 1 maart 2017.


Sommige bronnen linken PFOA in het bloed aan het ontstaan van kanker. Hoe zit dat in dit gebied?
De Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ) heeft aanvullend op het RIVM rapport onderzoek gedaan naar vóórkomen van kanker in het gebied rondom Chemours (Dordrecht, Sliedrecht en Papendrecht). Uit dit PDF-bestandonderzoek (391 kB) blijkt dat kanker in dit gebied niet in verhoogde aantallen voorkomt.


Hoe zit het met de (ex)medewerkers van DuPont/Chemours?

De zorg voor (ex)medewerkers valt onder verantwoordelijkheid van de Inspectie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de vroegere Arbeidsinspectie. Zij zijn bezig met dit onderwerp en doen onderzoek. Wij vinden het als gemeente belangrijk dat er oog is voor de gezondheid van deze (ex)medewerkers. Wij zijn zeer geïnteresseerd in het onderzoek van de Inspectie en wachten de resultaten af.

Terug naar boven


Verantwoordelijkheden

Wie is waarvoor verantwoordelijk?

In Nederland is de verantwoordelijkheid voor het milieu verdeeld over verschillende overheden. Deze overheden heten dan 'bevoegd gezag' voor het onderwerp waar ze verantwoordelijk voor zijn. Met betrekking tot de situatie bij DuPont/Chemours zijn die verantwoordelijkheden als volgt verdeeld:

  • Milieuvergunning en toezicht, inclusief uitstoot: Provincie Zuid-Holland

  • Bodemverontreiniging: gemeente Dordrecht

  • Lozingen op de rivier: Rijkswaterstaat

  • Lozingen op het riool: Provincie Zuid-Holland

  • Veiligheid van werknemers: Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid

  • Drinkwater: Inspectie Leefomgeving en Transport

De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) voert namens de gemeente (sinds 2003) en namens de provincie (sinds 2011) de taken uit die bij deze verantwoordelijkheden horen, zoals vergunningverlening, toezicht en handhaving en het controleren van rapportages over de bodemverontreiniging.

Terug naar boven


Bodemverontreiniging

De gemeente Dordrecht is sinds 2003 verantwoordelijk voor de controle op de aanpak van de bodemverontreiniging op het terrein van Chemours. Daarover leest u hier meer.

 

Waaruit bestaat de bodemverontreiniging op het terrein van Chemours?

De bodem is in het verleden door bedrijfsactiviteiten van DuPont/Chemours met meerdere stoffen verontreinigd. Het gaat om vluchtige organische chloorverbindingen en freonen. Waarschijnlijk is de verontreiniging ontstaan door lekkages tijdens het productieproces in de jaren '60 tot '70. Daardoor is het grondwater verontreinigd.

Deze verontreiniging is sinds eind jaren '80 bekend bij de overheid. Met een analyse van honderden peilbuizen en grondmonsters is de verontreiniging in beeld gebracht en is gestart met het voorbereiden van de aanpak ervan. De verontreiniging bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met in het diepe grondwater een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein.
In 2005 meldde DuPont aan de toenmalige Milieudienst (nu: OZHZ) dat ook sprake was van een verontreiniging met PFOA. De verontreiniging met PFOA bevindt zich binnen de grenzen van de al bekende grondwaterverontreiniging.

 

Hoe wordt de bodemverontreiniging aangepakt?

Chemours is -als veroorzaker van de verontreiniging en eigenaar van de locatie- verantwoordelijk voor het uitvoeren van maatregelen om te voorkomen dat de verontreiniging zich verspreidt. Dit noemen we het ‘beheersen’ van de verontreiniging.

In de tweede helft van de jaren '90 heeft Chemours, in overleg met de provincie Zuid-Holland, een geavanceerd grondwaterbeheerssysteem laten ontwerpen en aanleggen. Dit systeem onttrekt verontreinigd grondwater, zuivert het en loost het gezuiverde grondwater vervolgens op de rivier de Merwede. Het beheerssysteem zorgt ervoor dat de grondwaterverontreiniging zich niet verder kan verspreiden. Het systeem wordt meerdere keren per jaar gemonitord en de verslaglegging hiervan wordt jaarlijks gecontroleerd door het bevoegd gezag. Tot 2003 was dat de provincie. Na 2003 is dat de gemeente Dordrecht, die deze taak heeft belegd bij de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ).  

 

In dit memo wordt het ontstaan en de beheersing van de bodemverontreiniging toegelicht.

 

Is de bodemverontreiniging onder controle?

Ja. De totale verontreiniging, met daarin ook PFOA, wordt al vanaf eind jaren '90 beheerst door een geavanceerd systeem (zie uitleg in dit memo). Deze beheersing zorgt ervoor dat het verontreinigde grondwater zich niet kan verspreiden in concentraties die risico's kunnen opleveren. Dat blijkt uit de gegevens uit peilbuizen en grondmonsters. Zolang het beheersysteem in stand blijft, is er geen risico op verspreiding.

 

Wie voert het uit? Voor hoelang wordt beheerd?

Het beheerssysteem is aangelegd in opdracht van Chemours, in overleg met de provincie Zuid-Holland (destijds bevoegd gezag). Chemours beheert het systeem. De beheersing moet in principe eeuwig in stand worden gehouden. Tenzij nieuwe technieken de verontreiniging in de bodem kunnen afbreken. Hiernaar wordt onderzoek gedaan, maar vooralsnog is er geen oplossing voor.

 

Hoe rapporteert Chemours over het beheerssysteem?

In het hele gebied staan honderden peilbuizen om (de verontreiniging in) het grondwater te controleren. Ook worden grondwatermonsters genomen. De analyse van die gegevens wordt jaarlijks gerapporteerd. Deze rapportages worden niet opgesteld door Chemours zelf, maar door onafhankelijke gecertificeerde adviesbureaus (Tauw, voorheen Deltares) en laboratoria. Zij worden ingehuurd door Chemours.

Het bevoegd gezag, de gemeente Dordrecht, controleert deze rapportages en bespreekt die met Chemours en haar adviseurs. Bij deze gesprekken is Evides ook aanwezig, omdat de grondwaterverontreiniging ook onder hun terrein voorkomt.

 

Moet de grond niet afgegraven worden?

Dat zou theoretisch een goede oplossing zijn. Afgraven is echter extreem duur en technisch onmogelijk, omdat de fabriek dan eerst gesloopt zou moeten worden en na sanering weer herbouwd. Het Nederlandse bodemsaneringsbeleid geeft aan dat als er geen risico's voor de volksgezondheid en ecologie zijn, afgraven niet hoeft. Dan kan worden volstaan met beheersing. Dit is het geval bij de bodemverontreiniging bij Chemours.

 

Grondwater onder stortplaatsen

Zie het kopje Stortplaatsen.


Zijn de normen die gesteld zijn voor PFOA wel de juiste?

De gemeente baseert zich bij de beoordeling van de grondwaterrapportages op de geldende normen die zijn opgesteld door het RIVM. In Nederland bestaan met betrekking tot bodemverontreiniging geen formele interventiewaarden voor PFOA. Interventiewaarden zijn waarden die aangeven dat er mogelijk risico's zijn. Als er daadwerkelijk risico's zijn, of als de verontreiniging zich te veel verspreidt, moet er worden ingegrepen. Daarom heeft een externe adviseur in opdracht van DuPont in 2011 voorlopige interventiewaarden (248 ug/l) bepaald op basis van de Europese methodiek van EFSA. Deze waarden worden alleen overschreden binnen het terrein van Chemours.


Op dit moment heroverweegt het RIVM diverse normen voor PFOA. Dat komt omdat PFOA sinds 2013 in de categorie 'Zeer Zorgwekkende Stof' valt. Het Rijk heeft nog geen landelijke interventiewaarde voor PFOA opgesteld. Daarom heeft de gemeente Dordrecht het RIVM opdracht gegeven om lokale risicowaarden voor PFOA op te stellen. In het voorjaar van 2017 komen deze risicowaarden beschikbaar.

Terug naar boven


Drinkwater

Hoe verhoudt de bodemverontreiniging zich tot het terrein van Evides? En dan met name het spaarbekken?

Het grondwater op het terrein van productielocatie Baanhoek van Evides Waterbedrijf wordt NIET gebruikt voor de drinkwatervoorziening en komt ook niet in contact met het water dat voor de drinkwatervoorziening wordt gebruikt. Ook staat het spaarbekken niet in contact met de grondwaterverontreiniging. De verontreiniging bevindt zich grotendeels op het terrein van Chemours, met een uitloper naar het naastgelegen Evides-terrein. De uitloper van de verontreiniging reikt tot aan de noordelijke rand van het spaarbekken en bevindt zich op een diepte van ca. 14 meter. De onderzijde van het bekken bevindt zich op 5 meter diepte. Tussen de onderzijde van het bekken en de grondwaterverontreiniging ligt een slecht doorlatende kleilaag van ca. 9 meter dik. De (minimale) waterstroom door de kleilaag gaat van boven naar beneden, dus van het bekken naar het diepe grondwater. Daardoor kan het verontreinigde grondwater het bekkenwater niet beïnvloeden.
Overigens wordt het bekken niet voor de drinkwatervoorziening gebruikt. Het betreft  een een noodvoorraad oppervlaktewater, voor het geval dat de aanvoer van Maaswater uitvalt.

 

Is het drinkwater in Dordrecht veilig?

Ja, het drinkwater in Dordrecht was en is betrouwbaar. Op productielocatie Baanhoek maakt Evides drinkwater uit grondwater en oppervlaktewater. Het grondwater dat Evides in Dordrecht voor de drinkwatervoorziening gebruikt, is NIET afkomstig van het terrein, maar bevindt zich in diepe bronnen (tussen de 80 en 140 meter diep) elders op het Eiland. Hier kan geen afstromend water van DuPont/Chemours in terecht zijn gekomen of komen. Het oppervlaktewater dat gebruikt wordt voor drinkwater komt uit de Maas in Brabant na verblijf in drie grote spaarbekkens in de Brabantse Biesbosch.

Evides monitort de kwaliteit van bron tot kraan om te zorgen dat het drinkwater altijd van hoge, betrouwbare kwaliteit is. Naar aanleiding van de berichtgeving heeft Evides in oktober 2015 en februari 2016 Evides metingen  laten uitvoeren om te bepalen of PFOA voorkwam in het drinkwater van Baanhoek. PFOA is in oktober 2015 niet aangetroffen en in februari 2016 bedroeg het gehalte 0,0025 microgram per liter. Het PFOA gehalte dat in februari in het drinkwater was gemeten was niet afkomstig uit het grondwater, maar uit het Maaswater.


Voor meer informatie verwijzen we u naar de website van Evides.

Terug naar boven


Stortplaatsen

Hoe zit het met gestort PFOA-houdend afval?

In Dordrecht is een aantal voormalige stortplaatsen waar in het verleden industrieel chemisch afval is gestort, mogelijk ook afkomstig van Dupont/Chemours. Voor alle stortplaatsen geldt dat niet bekend is of er in het verleden PFOA-houdend materiaal is gestort, maar gezien de stortperiode en de (zeer) beperkte registratie destijds kan dit niet worden uitgesloten. Daarom heeft de gemeente de afgelopen maanden het grondwater onder voormalige stortplaatsen waarvoor zij bevoegd gezag is (Crayestein-Oost, Merwedepolder, Polder Stededijk en Transberg) onderzocht op PFOA. In al deze voormalige stortplaatsen is in het grondwater lichte tot zeer lichte gehalten PFOA aangetroffen, maar nergens wordt de voorlopige risicogrens voor PFOA in grondwater (248 ug/l) overschreden. Lees hier meer over het onderzoek naar stortplaatsen.


Overigens wordt op alle locaties de grondwaterkwaliteit gemonitord. Hierover wordt jaarlijks gerapporteerd in het gemeentelijk bodemsaneringsprogramma.

 

Hoe zit het met de andere voormalige stortplaatsen in Dordrecht?

De gemeente is verantwoordelijk voor de oude stortplaatsen, zoals Transberg, Polder Stededijk, Crayestein-Oost en de Merwedepolder. De provincie is bevoegd gezag voor de moderne stortplaatsen Crayestein-West en Derde Merwedehaven. Ook de provincie heeft onderzoek laten verrichten naar PFAS. Ook op deze plaatsen is PFOA aangetroffen, maar de hoeveelheden blijven hier eveneens onder de interventiewaarde.


Wat is er bekend over bodemonderzoek naar PFOA?

In Nederland is onderzoek naar PFAS (de groep stoffen waartoe PFOA behoort) in grond en grondwater nog niet gebruikelijk. In opdracht van het Ministerie van I&M zijn landelijke pilots opgezet om te onderzoeken of er in de toekomst structureel aandacht voor deze stofgroep nodig is en om te bepalen hoe dergelijk onderzoek het beste kan worden uitgevoerd. Dordrecht doet daaraan mee met de voormalig stortplaatsen Polder Stededijk en de Merwedepolder. Voor de voormalige stortplaatsen Crayestein-Oost en Transberg zal PFOA worden meegenomen in de reguliere monitoring.

Terug naar boven


Vergunningen, toezicht en handhaving

Onder meer op de informatiebijeenkomst op 5 april 2016 stelden diverse bezoekers vragen over toezicht en handhaving op een bedrijf als Chemours (voorheen Dupont). Chemours is een groot industrieel bedrijf. Vergunningverlening, toezicht en handhaving bij Chemours doet de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) namens de provincie Zuid-Holland. Dat is in dit geval de verantwoordelijke overheid.


Chemours is een BRZO-bedrijf. BRZO-bedrijven zijn risicovolle bedrijven die moeten voldoen aan veiligheidsmaatregelen die zijn vastgelegd in het Besluit Risico Zware Ongevallen (BRZO). Op de website van de OZHZ is meer informatie te vinden over dergelijke bedrijven.


Ook vindt u op die site een uitleg hoe toezicht en handhaving plaatsvindt en een overzicht van eerdere berichten over Chemours/Dupont.


De huidige vergunningen van Chemours zijn ook in te zien via de website van OZHZ. Ga naar het online overzicht en tik in de zoekbalk Chemours in. Dan krijgt u een overzicht en kunt u alle documenten downloaden.

Terug naar boven


Overige vragen

In Amerika lopen diverse rechtszaken tegen DuPont naar aanleiding van PFOA. Is de situatie daar te vergelijken met Dordrecht?

Het klopt dat er in Amerika rechtszaken zijn aangespannen tegen DuPont over de gevolgen van PFOA. Hoe de situatie daar precies in elkaar steekt, moet in die rechtszaken duidelijk worden. Een vergelijking met Dordrecht is te begrijpen: het gaat om dezelfde stof, hetzelfde moederbedrijf en een soortgelijke fabriek. Toch is het te kort door de bocht om te stellen dat wat in Amerika speelde ook hier aan de hand is. Het RIVM stelt in haar rapport dat de situatie in de VS niet te vergelijken is met de situatie in Dordrecht. De uitstoot in de VS via lucht en water was vele malen hoger dan in Dordrecht. De concentratie in drinkwater lag zelfs 1000 maal hoger. Ook is in de VS het aantal kankergevallen in het omliggende gebied verhoogd, dat is hier niet zo.
Als gemeente gaat het ons om de situatie in Dordrecht. Daar richten we ons op.

 

Wat vindt de gemeente van de situatie?

We snappen het heel goed dat mensen zich zorgen maken. Helaas kunnen we nog niet op alle vragen antwoord geven. En dat is vervelend, zeker waar het vragen over de gezondheid betreft. Maar er is simpelweg nog te weinig bekend om daar met zekerheid iets over te zeggen.
De gemeente neemt dit onderwerp zeer serieus. Toen bekend werd dat PFOA mogelijk ook in Dordrecht speelde, hebben wij en de provincie de Omgevingsdienst ZHZ gevraagd de beschikbare gegevens bij elkaar te brengen. Die hebben we in oktober 2015 gepubliceerd. Deze gegevens zijn overgedragen aan het ministerie. Zij heeft het RIVM opdracht gegeven tot onderzoek naar mogelijke gezondheidseffecten. Dat heeft geleid tot het RIVM rapport, met aanbevelingen voor vervolgonderzoek. Wij zien dit rapport als een tussenstap. Het nadere onderzoek, waaronder de steekproef, moet goed en zo snel mogelijk uitgevoerd worden om meer duidelijkheid te geven over eventuele gezondheidseffecten. Dat vergt helaas enige tijd: zorgvuldigheid gaat boven alles. 
We begrijpen dat alles rond Dupont/Chemours nu onder een vergrootglas ligt. Wij vinden het juist daarom heel belangrijk dat de totale situatie in beeld is en in de juiste context wordt weergegeven. Ook vinden we het heel belangrijk het directe contact met de buurt te hebben en houden. Daarbij zijn we duidelijk over wat we weten en wat we nog niet weten.

Ook vinden wij dat beide bedrijven veel moeten doen om het vertrouwen terug te krijgen. Zowel wij als de omwonenden hebben dit zeer duidelijk gemaakt. Beide bedrijven hebben aangegeven zich dit te realiseren en hierin stappen te zetten.


Wanneer vond de inloopbijeenkomst plaats?
Direct betrokkenen uit de gemeenten Dordrecht, Sliedrecht en Papendrecht zijn per brief uitgenodigd voor een inloopbijeenkomst op dinsdag 5 april 2016 in het Postillion Hotel in Dordrecht. Ook andere geïnteresseerden konden binnenlopen. Er zijn uiteindelijk 500 bezoekers geweest. De presentaties en factsheets zijn hier terug te vinden.

Terug naar boven


Vervolg en contact

Het RIVM heeft de mogelijke gevolgen onderzocht voor de volksgezondheid. Dat onderzoek richt zich met name op de uitstoot van PFOA via de lucht. Er worden diverse vervolgonderzoeken verricht. Daarover kunt u op deze pagina van alles lezen. Wij volgen dat nadrukkelijk en geven de wensen vanuit Dordrecht mee. Via onze website houden we u op de hoogte van de ontwikkelingen.


Waar kan ik terecht met vragen?

Met vragen over gezondheidsaspecten kunt u contact opnemen met de Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ) via telefoonnummer (078) 770 85 00.

Uiteraard kunt u ook terecht bij uw huisarts.



We snappen dat er nog veel vragen zijn. Die hebben we zelf ook. Helaas zijn nog niet alle antwoorden beschikbaar. Met de informatie op deze pagina's hoopt de gemeente in ieder geval de nodige vragen te kunnen beantwoorden. Mist u een antwoord? Geef dat dan door via de link onderaan deze pagina.



Terug naar boven

Kunnen wij deze pagina verbeteren of ziet u een fout? Laat het ons weten.

Gemeentelijke websites

Meer gemeentelijke websites


Gemeente Dordrecht

Bezoekadres Stadskantoor

Spuiboulevard 300

3311 GR Dordrecht

Plaatsmarkering

In de Stadswinkel kunt u alleen PINNEN


Postadres

Postbus 8

3300 AA  Dordrecht

Telefoon

14 078


WhatsApp
06 406 985 08

Meer contactgegevens