Gemeente Dordrecht

Beleid Archeologie

(For the policy concerning the conservation of monuments in Dordrecht 2004-2010 in English, see the file at the end of this page / Voor de Nederlandse uitgebreide versie van de beleidsnota, zie onderaan deze pagina).

Door de aanstelling van de eerste stadsarcheoloog op 1 januari 1995 werd het belang van Dordrecht’s rijke archeologische erfgoed werkelijk erkend. Voorafgaand aan deze aanstelling voerde met name de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB, nu RACM: Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten) archeologisch onderzoek uit in Dordrecht.

Op 19 mei 1999 werd de gemeente Dordrecht door de toenmalige staatssecretaris van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen een vergunning verleend tot het zelfstandig doen van opgravingen op het grondgebied van de gemeente. Door deze vergunning heeft de gemeente ook zelf de beschikking over archeologische vondsten. De mogelijkheid tot het beheren van een eigen depot, alsmede permanente tentoonstelling van Dordtse bodemvondsten, is hiermee veiliggesteld.

Deze vergunning is geen vrijbrief voor het doen van zoveel mogelijk opgravingen in Dordrecht. Als gevolg van de afspraken die in 1992 op Malta zijn gemaakt is het beleid gericht op behoud en beheer van het bodemarchief. De archeologische overblijfselen blijven het beste bewaard op de plek waar ze in de grond zitten. Als grondwerkzaamheden de bodem niet bedreigen, is het niet noodzakelijk opgravingen uit te voeren. Handhaven van archeologische waarden in de bodem zèlf is dus het streven.

In december 2000 heeft het gemeentebestuur van Dordrecht een belangrijk besluit genomen inzake het behoud van het bodemarchief. Voor de historische binnenstad geldt sindsdien dat min-één niveaus, zoals ondergrondse kelders, parkeergarages, winkelruimtes en opslagplaatsen, zoveel mogelijk moeten worden tegengegaan. Daardoor worden plannenmakers en ontwikkelaars gedwongen om uit te zien naar alternatieve mogelijkheden. Op deze wijze blijft het bodemarchief in Dordrecht zoveel mogelijk intact.

Natuurlijk kan het zo zijn dat er zwaarwegende redenen zijn om tóch over te gaan tot het aanleggen van zo'n ondergrondse ruimte in de binnenstad. In dat geval is een archeologisch onderzoek verplicht en worden alle kosten van het onderzoek (inclusief de uitwerking daarvan) verhaalt op de ontwikkelaar, die immers als bodemverstoorder optreedt.

Om een goed beheer van de historische binnenstad mogelijk te maken is inventarisatie van archeologisch interessante locaties noodzakelijk. Op stadsplattegronden worden bekende vindplaatsen en bijzondere plekken gemarkeerd. Op die manier is vooraf bekend waar een eventuele opgraving moet plaatsvinden indien bouwplannen aan de orde zijn.

Voor het gebied buiten de historische binnenstad geldt het beleid van het ontraden van min-één-niveaus niet. Als gevolg van de St. Elisabethsvloed van 1421 en de daarop volgende situatie van schorren, slikken en aanwassen in een verder natte omgeving zijn de historische plaatsen uit de periode van vóór 1421 verdwenen en nauwelijks nog te lokaliseren.
In het gebied buiten de historische binnenstad wordt voorafgaand aan alle omvangrijke bouwactiviteiten en infrastructurele werken een archeologische inventarisatie uitgevoerd, vaak aangevuld met grondboringen of proefsleuven. Op basis van de bevindingen wordt een advies uitgebracht hoe om te gaan met eventuele archeologische waarden op de betreffende locatie.

Inzake het buitengebied is een interessant project opgestart waarin de St. Elisabethsvloed centraal staat. Vragen als: hoe zag het landschap er voor 1421 uit en waar woonden de mensen? wat gebeurde er in die beruchte nacht van 18 op 19 november 1421 nu eigenlijk? en: wat gebeurde er verder in dit gebied? zijn binnen dat project de leidende probleemstellingen. Het onderzoek wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met de geologen van TNO-NITG en BIAX-consult.

Beleidsnota 2004-2010

Medio 2004 is de nieuwe beleidsnota van Bureau Monumentenzorg en Archeologie vastgesteld. Hierin is te lezen hoe Dordrecht in de toekomst wil omgaan met zowel het bovengrondse (Monumentenzorg) als het ondergrondse (Archeologie) culturele erfgoed. De volledige beleidsnota is als Acrobat Reader bestand opgenomen onderaan deze pagina. Daarnaast is het boekje 'Dordrecht maakt Geschiedenis' uitgegeven. Dit omvat een samenvatting van de nota, voorzien van veel kleurenfoto's en leuke wetenswaardigheden. Het boekje is gratis te verkrijgen bij het secretariaat van Bureau Monumentenzorg en Archeologie: (078) 639 64 02, of per email: monarch@dordrecht.nl

Downloads